Tekst
In het mondelinge vragenuur van 16 juni jl. hebben het lid Faber (PVV) en andere Kamerleden vragen gesteld over explosies in woonwijken en specifiek over de explosie in Amsterdam (Osdorp) van 12 juni jl. Daarbij raakten meerdere mensen ernstig gewond en moesten 400 bewoners worden geëvacueerd uit de nabij gelegen flat. Aansluitend is ingestemd met een dertigledendebat over de onveiligheid in woonwijken door explosies. Er is verzocht om een brief hieraan voorafgaand. Met deze brief wordt uw Kamer hierin voorzien.
De gevolgen van explosies zijn zeer ingrijpend voor slachtoffers, hun families, buurtbewoners en ondernemers, met soms zelfs dodelijke slachtoffers, ernstig letsel en/of enorme schade tot gevolg. De ontploffing in Osdorp door explosieve stoffen onderstreept de noodzaak om de beschikbaarheid van dergelijk materiaal terug te dringen. Om vergelijkbare incidenten te voorkomen, en ook om te voorkomen dat explosieven worden gebruikt voor bijvoorbeeld aanslagen, plofkraken en geweld tegen hulpverleners.
Met het Offensief tegen Explosies, onder voorzitterschap van burgemeester Schouten van Rotterdam, wordt de handel, het vervoer, de opslag en het gebruik van zwaar (illegaal) vuurwerk dan ook aangepakt. Met het Offensief zet ik in op het voorkomen van aanslagen, het opsporen en vervolgen van de daders en het versterken van de lokale aanpak en nazorg van betrokkenen. We sluiten zoveel mogelijk aan bij de bredere aanpak van onder andere ondermijning, geweld, jeugdcriminaliteit en vuurwerkcriminaliteit, om elkaars inspanningen te versterken.
In deze brief ga ik in op het aantal persoonsgerichte aanslagen met explosieven in de afgelopen jaren, de focus in de aanpak van het Offensief en de veiligheid in woonwijken – en meer specifiek op de lokale aanpak van en nazorg na een aanslag.
Aantal (pogingen tot) aanslagen met explosieven
Op landelijk niveau was in 2024 een aanzienlijke stijging waarneembaar van de aantallen (pogingen tot) aanslagen ten opzichte van het jaar 2023. In 2025 lag het aantal (pogingen tot) aanslagen iets lager dan in 2024. Begin juli jl. zijn door het Offensief de cijfers van de eerste zes maanden van 2026 gedeeld. In de eerste zes maanden van 2026 zet de daling door. Met 581 (pogingen tot) aanslagen met explosieven in Nederland zijn dit er 124 minder dan in de eerste zes maanden van 2025. Het Offensief ligt daarmee op koers om in 2026 een afname van 10% te realiseren ten opzichte van het aantal aanslagen in 2025.
Tabel 1 – Aanslagen en pogingen tot aanslagen met explosieven per
objecttype
Jaar
(poging) Aanslag woning
(poging) Aanslag bedrijf
(poging) Aanslag voertuig
(poging) Aanslag infra
(poging) Aanslag overige
Totaal
2023
599
196
85
1
21
902
2024
1122
230
152
1
38
1543
2025
1043
254
203
4
30
1534
2026
388
117
53
3
20
581
Begin 2027 publiceert het Offensief de jaarcijfers over het jaar 2026. Deze cijfers deel ik ook met uw Kamer.
Achtergrond problematiek
De factoren die bijdragen aan de explosieproblematiek zijn met name de brede beschikbaarheid van het middel (waaronder zwaar vuurwerk met flitspoeder), de opdrachtgevers en tussenpersonen die regelmatig buiten beeld blijven en de toegankelijke wijze waarop uitvoerders, veelal jongeren in een kwetsbare positie, worden gerekruteerd om aanslagen te plegen.
De faciliterende rol en het anonieme, afgeschermde karakter van digitale platforms, spelen een belangrijke rol bij het makkelijker en mogelijk maken van zowel het rekruteren van jongeren voor het plegen van aanslagen, als bij de online handel in zwaar (illegaal) vuurwerk.
De (vermoedelijke) motieven voor het plegen van een persoonsgerichte aanslag variëren van sociale of zakelijke tot criminele conflicten, bijvoorbeeld een rancuneuze ex-partner, conflicten tussen criminele jeugdgroepen of een ruzie over een partij drugs. Voor een groot deel van de (pogingen tot) aanslagen is het motief onbekend.
Quickscan aanslagen met explosieven
In 2024 ontving uw Kamer een zogenoemde quickscan, uitgevoerd door de politie in samenwerking met het Centraal Bureau voor de Statistiek en analisten van mijn ministerie – het zogenoemde Informatie analyseteam (IAT). De quickscan gaf een eerste getalsmatig inzicht in de problematiek. De quickscan is in 2026 herhaald om ontwikkelingen in de problematiek inzichtelijk te maken en om op basis daarvan te bezien of de aanpak zich op aanvullende punten kan richten. De analyse treft u als bijlage bij deze brief.
De analyse geeft cijfermatig weer hoe de problematiek zich in de afgelopen jaren heeft ontwikkeld. Hieruit blijkt dat in de afgelopen jaren de meeste aanslagen plaatsvonden in de politie-eenheden Rotterdam en Amsterdam, maar er in 2024 en 2025 ook een verschuiving te zien is. Het aandeel aanslagen in de eenheden in de Randstad is iets afgenomen, terwijl er in andere eenheden sprake is van een lichte toename. Dit is ook zichtbaar in de kenmerken van slachtoffers. Deze zijn namelijk minder vaak afkomstig uit (sterk) stedelijk gebied. Dit past ook bij het beeld dat deze problematiek door het gehele land voorkomt.
In de afgelopen jaren zijn er meer verdachten in beeld gekomen voor betrokkenheid bij aanslagen met explosieven. In deze analyse is er opnieuw gekeken naar de kenmerken van verdachten en de ontwikkeling hiervan in de afgelopen jaren. Bij 24% van de aanslagen is er een verdachte geregistreerd. In totaal zijn dit er 1.669. 12% hiervan is bij meer dan één aanslag in beeld gekomen als verdachte. Van de verdachten was 81% eerder verdachte van een ander misdrijf. Qua kenmerken is het beeld van de verdachten in lijn met de eerdere analyse uit 2024. Namelijk dat de verdachten van het plegen van aanslagen met explosieven zich in een kwetsbare positie bevinden. Ook wanneer dit wordt vergeleken met de percentages bij de totale populatie van verdachten van misdrijven.
Er is bij de aanslagen met explosieven sprake van een grote groep jonge verdachten. 36% is minderjarig en 67% van de verdachten is jonger dan 23 jaar. In 2024 (34%) en 2025 (41%) is er ook een toename zichtbaar van het aantal minderjarige verdachten. In het eerste half jaar van 2026 (37%) nam dit iets af, maar is het aandeel nog altijd hoger dan in 2023 en 2024. Deze jonge leeftijd in combinatie met de kwetsbare positie benadrukken het belang van een gerichte preventieve inzet. Met het Offensief bekijk ik de komende periode of deze analyse aanleiding geeft tot aanvullende preventieve inzet.
Aanpak en prioriteiten Offensief tegen Explosies
Het Offensief heeft drie prioriteiten benoemd, waarop acties worden ingezet:
Het terugdringen van het aantal (jonge) uitvoerders;
Het opsporen en vervolgen van opdrachtgevers en tussenpersonen zoals makelaars en rekruteerders;
Het terugdringen van de beschikbaarheid van zwaar vuurwerk.
Daarnaast blijft het ondersteunen van gemeenten bij een stevige lokale aanpak en de nazorg voor slachtoffers en omwonenden een belangrijk speerpunt.
Prioriteit: het terugdringen van het aantal (jonge) uitvoerders
Bij het plegen van aanslagen met explosieven blijken veel minderjarigen of jongvolwassenen betrokken te zijn. Uitvoerders worden gerekruteerd via het sociale netwerk en deels via online platforms. Voor het terugdringen van het aantal (jonge) uitvoerders sluit het Offensief aan bij de lopende aanpak van jeugdcriminaliteit. De inzet is gericht op het weerbaar maken van jongeren tegen (online) verleidingen van criminaliteit in het algemeen en van het plegen van aanslagen in het bijzonder. Er wordt ingezet op kansrijke en bewezen effectieve interventies, die gericht zijn op meerdere risico- en beschermende factoren en die langdurig met een mentor voor de jongeren worden ingezet. Met deze interventies worden bekende risicofactoren aangepakt en beschermende factoren gestimuleerd. Zo bieden zij jongeren kansen en perspectief. Ook is er aandacht voor de ondersteuning van jongeren die vastzitten in de criminaliteit of die worden benaderd voor het plegen van criminele klussen. Hiervoor financiert mijn ministerie de online chat Keerpunt. Via Keerpunt kunnen jongeren anoniem chatten met een hulpverlener. Als dat nodig is, wordt een jongere hulp aangeboden in zijn of haar regio. Sinds kort biedt Keerpunt ook familieondersteuning aan ouders en verzorgers die zich zorgen maken dat hun kind (mogelijk) betrokken is bij criminaliteit.
Naast aansluiting op bovengenoemde inzet onderneemt het Offensief ook aanvullende acties gericht op het weerbaar maken van jongeren tegen de (online) verleidingen van het plegen van aanslagen met explosieven. Voorbeelden hiervan zijn:
Het integreren van het thema aanslagen met explosieven en meer specifiek (online) rekruteren in de campagne Vreemd of Verdacht? van “Houd misdaad uit je buurt”.
Het ontwikkelen van een nieuwe deelcampagne van en in samenwerking met Houd misdaad uit je buurt, specifiek op het tegengaan van het rekruteren van jongeren voor criminele activiteiten, met ouders (van kinderen 12-16 jaar) en de sociale omgeving van jongeren als doelgroep. Beoogde livegang begin 2027.
Het stimuleren van ouders en verzorgers om met hun kind in gesprek te gaan over de gevaren van het betrokken raken bij aanslagen met explosieven. En daarbij handelingsperspectieven te bieden (zoals handvatten om het gesprek te voeren en doorverwijzen naar lokaal hulpaanbod of landelijke voorzieningen zoals Keerpunt). Hiervoor is de campagne ‘Praat met je kind over explosies’ van de gemeente Amsterdam beschikbaar gesteld aan alle gemeenten in Nederland.
De organisatie van een jongerenberaad om met jongeren te bespreken op welke wijze (online) acties gericht op weerbaarheid tegen (online) rekruteren in hun ogen effectief kunnen zijn.
Het ontwikkelen en wetenschappelijk onderbouwen van een pilot conflictbemiddeling. Het WODC zet eind 2026 een onderzoek uit naar de werkzame elementen van conflictbemiddeling tussen jongeren, om te de-escaleren en daarmee mogelijk geweld, zoals het plegen van een aanslag met explosieven, te voorkomen. De gemeente Almere ontwikkelt op dit moment een pilot conflictbemiddeling tussen jongeren. De uitkomsten van het WODC-onderzoek worden door de gemeente Almere benut om deze pilot verder vorm te geven of waar nodig bij te sturen. De pilot wordt in een latere fase ook geëvalueerd. Als uit de evaluatie blijkt dat de pilot in de gemeente Almere effectief is, wordt gekeken op welke wijze deze aanpak ook in andere gemeenten kan worden toegepast.
Campagne Meld Misdaad Anoniem “Snel geld – Is dat het waard?”
Begin september is een nieuwe campagne gestart van Meld Misdaad Anoniem: “Snel geld - Is dat het waard?”. Deze campagne richt zich op jongeren van 14 tot 24 jaar en heeft tot doel om te voorkomen dat zij worden geronseld voor criminele klusjes en biedt hen handelingsperspectief.
Prioriteit: het opsporen en vervolgen van opdrachtgevers en tussenpersonen zoals makelaars en rekruteerders
In de opsporing en vervolging is er aandacht voor mogelijke uitbuiting van (jonge) uitvoerders. Een groot deel van deze, vaak minderjarige uitvoerders, verkeert in een kwetsbare positie en kan naast dader ook slachtoffer zijn. In verschillende onderzoeken wordt criminele uitbuiting ten laste gelegd aan de verdachten die de uitvoerders hebben ingeschakeld of aangestuurd. De prioriteit van de politie in deze aanpak, ligt bij het direct opsporen en aanhouden van de uitvoerders en tussenpersonen. Dit vergroot de kans om tot de achterliggende opdrachtgevers te komen. Diverse politieteams lukt het om beter zicht te krijgen op plegers, medeplegers, tussenpersonen en opdrachtgevers en diverse aanhoudingen te verrichten. Dit is meestal alleen mogelijk naar aanleiding van onderzoek op basis van de inhoud (bijvoorbeeld chats) van inbeslaggenomen digitale gegevensdragers zoals telefoons en laptops.
Prioriteit: het terugdringen van de beschikbaarheid van zwaar vuurwerk
Gebruikt middel
Voor het plegen van een aanslag wordt in veruit de meeste gevallen zwaar (illegaal verhandeld) vuurwerk gebruikt, al dan niet in combinatie met een brandstof.
Figuur 1 – Gebruikte explosieven in de eerste zes maanden van 2026
Europese Pyrotechnische Richtlijn
De Nederlandse regering zet zich samen met nationale partners, waaronder het Offensief, en met Frankrijk en Zweden de afgelopen jaren actief in om de aanpak tegen de illegale handel en misbruik en het verbeteren van de conformiteit binnen de EU hoog op de agenda te krijgen. Zoals uw Kamer voor de zomer is geïnformeerd, heeft de gezamenlijke inzet resultaat gehad. De Europese Commissie geeft aan onze geuite zorgen en urgentie te delen en werkt momenteel aan een voorstel voor de herziening van de Europese Pyrotechnische Richtlijn (Pyrorichtlijn). Voor ontwikkelingen op dat vlak verwijs ik graag naar de verzamelbrief vuurwerk die na het herfstreces door de staatssecretaris van IenW aan uw Kamer wordt verzonden.
Deze ontwikkeling draagt bij aan de prioriteit van het Offensief om de beschikbaarheid van zwaar vuurwerk terug te dringen. Vanuit het Offensief worden daarom zowel nationaal als internationaal diverse acties ondernomen om de productie, het transport, de opslag en de handel in dergelijke explosieven te verstoren.
Internationale aanpak Offensief
Vanuit het Offensief worden inspanningen verricht om de internationale aanpak van zwaar vuurwerk te intensiveren. Eén van de resultaten hiervan is de start van een ‘Operational Taskforce’ (OTF) onder regie van Europol. Dit is een politiesamenwerking tussen Duitsland en Nederland gericht op verstoring van de illegale internationale vuurwerkhandel. Zweden en Polen sluiten in de toekomst mogelijk aan. Ook is er aandacht voor meer en betere operationele samenwerking in de grensregio’s. Met Duitsland en België wordt gewerkt aan gerichte en nauwe samenwerking om de handhaving op zwaar vuurwerk in grensgemeenten te versterken. Verder is de Duitse Bundespolizei, samen met de Landespolizei van Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen, een door de EU gefinancierd samenwerkingsproject met Nederland gestart op de bestrijding van illegale vuurwerkhandel in de grensregio: ISF-Lumen Expanded. Dit project kent zowel een operationeel als een niet-operationeel programma en kent zowel strafrechtelijke als bestuurlijke opsporingsactiviteiten.
Opsporing handel zwaar (illegaal) vuurwerk
De opsporing van vuurwerkhandel is geïntensiveerd. De politie zet extra (online) acties in om verkoop van zwaar vuurwerk via webshops tegen te gaan. Verder voert de politie onderzoeken uit naar de illegale internationale handel van zwaar (illegaal) vuurwerk om zoveel mogelijk van de markt te halen. De politie en partnerdiensten zijn momenteel ook in gesprek met de postpakketbedrijven over de manieren waarop er sneller en meer informatie gedeeld kan worden. Het doel is dat hiervoor een sluitend convenant wordt afgesloten.
Lokale aanpak opslag en handel zwaar vuurwerk
Verder worden door verschillende gemeenten samen met de politie gerichte controles uitgevoerd op locaties, zoals kelderboxen en opslagruimtes, waar gevaarlijke stoffen kunnen worden opgeslagen, zoals flitspoeder uit illegaal vuurwerk. Ook kunnen gemeenten in het najaar de campagne van Meld Misdaad Anoniem afnemen die erop gericht is om burgers te stimuleren om melding te maken van betrokkenheid bij of kennis van de opslag van of handel in zwaar vuurwerk in woonwijken.
Door de samenwerking met nationale en internationale partners en de uitvoering van opsporingsonderzoeken, ontstaat er steeds beter zicht op de herkomst, handel en verspreiding van zwaar (illegaal) vuurwerk. Hierdoor wordt de aanpak van de illegale (online) handel in vuurwerk versterkt.
Veiligheid in woonwijken – de lokale aanpak en nazorg
De impact van een aanslag op slachtoffers, waaronder ook ondernemers, en omwonenden is groot. De opvolging van acties na een explosie is in eerste instantie een lokale aangelegenheid. Het is aan de lokale driehoek om op basis van de beschikbare feiten passend op te treden.
Landelijk handelingskader en overzicht bestuurlijke bevoegdheden bij aanslagen met explosieven
Ter ondersteuning van de lokale (bestuurlijke) aanpak heeft het Offensief op 6 november 2025 de eerste versie van het “Landelijk handelingskader bij aanslagen met explosieven” gepubliceerd. Dit handelingskader is opgesteld door gemeenten, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), de politie, het Openbaar Ministerie (OM), het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV), woningcorporaties en mijn ministerie. Het handelingskader is gebaseerd op ervaringen en best practices van deze partners. Het bevat praktische en juridische handvatten voor het opzetten van een effectieve aanpak bij aanslagen op woningen, bedrijfspanden en voertuigen. Per fase van een aanslag: vooraf preventief, bij dreiging van een (herhaal)aanslag, direct na een incident en nazorg, wordt in het handelingskader aandacht besteed aan bestuurlijke bevoegdheden, praktische handelingen, concrete maatregelen en zorg voor slachtoffers en omwonenden. Denk hierbij aan het inrichten van noodopvang en slachtofferhulp en tijdige, eenduidige informatieverschaffing. Het handelingskader belicht de complexe afwegingen die gepaard gaan met besluitvorming in dergelijke situaties. Het handelingskader wordt in 2027 geactualiseerd op basis van de ervaringen en inzichten die zijn opgedaan in de afgelopen periode. Daarnaast wordt meer aandacht besteed aan preventie van en nazorg bij aanslagen met explosieven gericht op ondernemers.
In 2025 is ook het “Overzicht bestuurlijke bevoegdheden. Bij aanslagen op woningen, bedrijfspanden en voertuigen” gepubliceerd. Hierin staat het bestuurlijk-juridisch instrumentarium van de burgemeester beschreven, dat ingezet kan worden na (dreiging van) een aanslag met explosieven. Het overzicht geeft tevens inzicht in het afwegingskader en de voor- en nadelen van de inzet van de verschillende bevoegdheden. Dit overzicht is ook opgenomen in het landelijk handelingskader en zal in de actualisatie in 2027 worden aangevuld met de mogelijkheid om het bestuurlijk-juridisch instrumentarium in te zetten in het kader van de lokale aanpak van illegaal vuurwerk.
Netwerk Explosies in Gemeenten
Door de VNG is het landelijk “Netwerk Explosies in Gemeenten” opgericht. Dit netwerk bestaat uit professionals op het gebied van openbare orde en veiligheid (OOV) bij gemeenten. Het netwerk wordt benut om kennis uit te wisselen, best practices te delen en knelpunten bij de lokale aanpak van aanslagen met explosieven aan te kaarten. Onder andere via een online forum en bij landelijke en regionale bijeenkomsten.
Samenwerking met woningcorporaties
Medewerkers van woningcorporaties zijn vaak ‘de ogen en oren’ in de wijk. Door hun werkzaamheden kunnen zij (verborgen) problematiek achter de voordeur signaleren. Aedes biedt leden van de vereniging van woningcorporaties een toolkit met handreikingen voor onder andere het maken van een interne melding of het doen van aangifte bij verdachte situaties bij huurders of in de wijk. Bijvoorbeeld om informatie te melden, waardoor een aanslag kan worden voorkomen.
Woningcorporaties zijn zelf ook gebaat bij goede en tijdige informatie over een aanslag op hun woning of gericht op hun huurders, zodat zij tijdig passende maatregelen kunnen treffen. In Amsterdam zijn afspraken gemaakt tussen gemeente, politie en woningcorporaties, zodat een woningcorporatie zo snel mogelijk door de politie op de hoogte wordt gesteld indien een pand van hen is getroffen door een aanslag. Ook wordt een landelijke handreiking ontwikkeld waarin de (juridische) gronden uiteen worden gezet in praktische adviezen voor situaties waarin informatie kan worden gedeeld tussen politie, de burgemeester en woningcorporaties.
Samenwerking met het bedrijfsleven
Ook aanslagen op bedrijfspanden, vermoedelijk gericht op de ondernemer, worden gepleegd vanuit verschillende motieven. Uit politieonderzoek naar deze aanslagen komt naar voren dat aanslagen ook worden gepleegd vanuit concurrentie-oogpunt, om zo bijvoorbeeld een bestuurlijke sluiting uit te lokken. Vanuit het Offensief (met name door VNO-NCW en MKB-Nederland en de VNG) wordt ingezet op het verbeteren van de preventie van aanslagen op bedrijfspanden en nazorg voor ondernemers in samenwerking met Platform Veilig Ondernemen.
Nazorg
Door gemeenten worden initiatieven ontwikkeld voor het verbeteren van de nazorg aan slachtoffers en omwonenden van een aanslag met explosieven. Enkele voorbeelden hiervan zijn:
De gemeente Amsterdam, politie-eenheid Amsterdam en de Amsterdamse Federatie Woningcorporaties hebben een gezamenlijk handelingskader nazorg bij geweld van buitenaf ontwikkeld. Hierin zijn de werkafspraken voor nazorg bij bijvoorbeeld explosies opgenomen.
De gemeente Rotterdam ondersteunt slachtoffers van aanslagen met explosieven via het project “Wijkkameraden”. Deze wijkkameraden hebben zelf een explosie meegemaakt, zijn bekend in de buurt en bieden een luisterend oor en een helpende hand aan andere slachtoffers.
Met Slachtofferhulp Nederland en het Verbond van Verzekeraars wordt verkend of, en zo ja, welke verbeteringen mogelijk zijn in de hulp aan slachtoffers en de afwikkeling van het schadeproces. Met name om de slachtofferbeleving na een aanslag meer aandacht te geven in de werkwijze of anderszins onder de aandacht te brengen bij hulpverleners en betrokkenen bij de afhandeling van het schadeproces.
Tot slot
De problematiek waarmee we hier te maken hebben is complex en kent veel raakvlakken met andere maatschappelijke problemen. Het Offensief sluit daarom in de aanpak zoveel mogelijk aan bij bestaande aanpakken van bijvoorbeeld ondermijning en jeugdcriminaliteit. Ook daarvan is bekend dat de effecten van acties, maatregelen en gedragsinterventies vaak pas op langere termijn zichtbaar worden. Het betreft dan ook een aanpak van de lange adem en inzet van veel partners op verschillende fronten. Daarom zet ik mij met het Offensief onverminderd in om het aantal aanslagen met explosieven op woningen, bedrijven en voertuigen, duurzaam te verminderen.
De Minister van Justitie en Veiligheid,
D.M. van Weel
Het Offensief tegen Explosies is een publiek-private samenwerking tussen het ministerie van Justitie & Veiligheid, de Politie, het Openbaar Ministerie, Aedes (namens de woningcorporaties), gemeenten (G4, G40 en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten), het Verbond van Verzekeraars (namens de verzekeraars), het Leger des Heils (namens de reclasseringsorganisaties) en VNO-NCW en MKB Nederland (namens het bedrijfsleven). Zij hebben de handen ineengeslagen om de stijgende trend van het aantal aanslagen met explosieven te keren. Ieder vanuit de eigen rol, verantwoordelijkheid en bevoegdheid.
Landelijk aantal aanslagen met explosieven blijft afnemen | Rijksoverheid.nl en Open overheid.
Dit zijn de cijfers van januari t/m juni 2026. Bron: Politie.
Kamerstukken II, 2023-2024, 28684, nr. 740.
In de beantwoording van de Kamervragen van het lid Mathlouti (Kamerstuk II 2025-2026, nr. 3005) is uitgebreid ingegaan op de lopende inzet op het terugdringen van (jonge) uitvoerders. Voorbeelden zijn de bewezen effectieve gedragsinterventie Alleen jij bepaalt wie je bent (AJB) en de kansrijke interventie Integrale Persoonsgerichte Toeleiding naar Arbeid (IPTA). Daarnaast sluit het Offensief aan bij de inzet vanuit het programma Preventie met Gezag (PmG) dat structureel in 27 gemeenten en tot en met 2027 in 20 gemeenten incidenteel loopt.
Praktijkverhaal (video): Politie en Justitie slaan alarm: jongeren online geronseld voor plaatsen explosieven | Houd misdaad uit je buurt en samenwerking met Ta Joela - Instagram: Instagram.
www.houdmisdaaduitjebuurt.nl/praaterover.
Voor een toelichting op welke inzet wordt gepleegd verwijs ik naar de beantwoording van Kamervragen van het lid Mathlouti, Kamerstukken II 2025-2026, nr. 3005.
Bron: Politie.
Kamerstukken II, 2025-2026, 28684, nr. 864.
Getrokken door medewerkers van European Multidisciplinary Platform Against Criminal Threats (EMPACT) van Europol.
Politie intensiveert opsporing van illegale handel in zwaar vuurwerk | Rijksoverheid.nl en naar Open overheid.
Het Offensief tegen Explosies, Landelijk handelingskader bij aanslagen met explosieven, 2025, https://open.overheid.nl/documenten/8f3ef6d8-317e-4c52-9d4a-3f53e0776ba7/file
Kamerstukken II, 2025-2026, 28684, nr. 816.
Het Offensief tegen Explosies, Overzicht bestuurlijke bevoegdheden. Bij aanslagen op woningen, bedrijfspanden en voertuigen, 2025, Het Offensief tegen Explosies, Overzicht bestuurlijke bevoegdheden: Bij aanslagen op woningen, bedrijfspanden en voertuigen.
De Wijkkameraad | Na de Knal