Tekst
Vergaderjaar 2026-2027
Tweede Kamer der Staten-Generaal
2
Kamerstukken
19 637
Vreemdelingenbeleid
Nr. 3638
MOTIE VAN HET LID CEULEMANS C.S.
Voorgesteld 7 oktober 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv's) vaak door ouders vanuit opvangplekken in bijvoorbeeld Turkije vooruit worden gestuurd om asiel aan te vragen in Nederland, in de hoop dat de rest van het gezin later kan nareizen met een beroep op het recht op gezinshereniging via artikel 8 EVRM;
overwegende dat het onwenselijk is dat het beleid zo een prikkel bevat om minderjarigen alleen vooruit te sturen langs vaak gevaarlijke routes en hen te scheiden van hun ouders;
overwegende dat de komst van amv's de afgelopen jaren snel is gestegen en de Tweede Kamer onlangs wetgeving heeft aangenomen die een wachttijd van twee jaar introduceert voor gezinshereniging;
overwegende dat bijvoorbeeld Noorwegen goede ervaringen heeft opgedaan met gezinshereniging in derde landen door een aanvullende toets van waar het gezin zich bevindt en of het daar veilig is;
verzoekt de regering in kaart te brengen welke mogelijkheden er zijn om bij aanvragen voor gezinshereniging door amv’s in Nederland die te laten plaatsvinden in het derde land waar de rest van het gezin zich bevindt, conform de Noorse aanpak,
en gaat over tot de orde van de dag.
Ceulemans
Boomsma
Diederik van Dijk
Keijzer